Skip navigation

Reisverslag: Stedentrip Beijing

Door: Lieke Delemarre, Utrecht 
Reisverslag Beijing: 14 t/m 21 april 2006

Ter ere van mijn 21e verjaardag, mocht ik een stedentrip uitzoeken. Het is Beijing geworden, dus van 14 t/m 21 april heb ik samen met Marcel via KRAS.NL een reisje naar China mogen maken.
Lees het reisverslag en geniet mee!

Zie ook het fotoverslag van deze reis:
www.kras.nl/vakantie/photoview.htm?albumid=827



Vrijdag 14 april: heenreis


Joepie! Vandaag gaat het grote avontuur beginnen. We vertrekken pas om 20.00 uur vanaf Schiphol, dus we kunnen rustig inpakken. Om 14.47 uur de bus genomen, klaar voor de reis. De trein bracht ons mooi op tijd (16.49 uur) op Schiphol en nog relaxed ook: geen overstap en 1e klas (dankzij de nieuwe boog die zorgt voor een rechtstreekse verbinding naar Schiphol). We zijn direct onze paspoorten met visum gaan halen en konden meteen onze tassen inchecken: dat scheelde al een hoop gesjouw! Daarna nog tijd zat om gezellig samen een drankje te doen en over het panoramaterras te wandelen. Lekker om in de zon nog even te kijken naar de vliegtuigjes.
Toen een hapje eten gehaald; om in stijl te beginnen met de reis, hebben we afhaal-noodles genomen en op het panoramaterras opgegeten in het zonnetje: heerlijk!
Het was tijd om richting gate te lopen, en onderweg hebben we nog even het Rijksmuseum aangedaan (grappig, zo'n mini-museum) en een ijsje als toetje gehaald. Tot onze grote vreugde hadden we prachtige plekken in het vliegtuig: 3 stoelen met eentje aan het raam voor twee personen, wat een ruimte!
na een prachtig vertrek bij de langzaam ondergaande zon, hebben we Nederland tijdelijk vaarwel gezegd. In het vliegtuig een lekkere "midnight dinner" gekregen: varkensvlees met roerbakgroente, echte Hollandse sla (met kaas) en als toetje Limburgse kersenvlaai; kortom echt authentiek Chinees eten.
Daarna lekker relaxen en poging tot slapen ondernomen. Onder toezicht van een prachtige maan een heel aantal uurtjes toch nog mijn ogen kunnen sluiten. Na een paar uurtjes rust wakker geweest en lekker uit het raam gekeken, naar de prachtige bergen en Gobi-woestijn, echt mooi joh! Nog een ontbijtje gekregen een klein uurtje voordat we Beijing bereikten: typisch Chinees ontbijt met noodles, een broodje en fruitsalade. Daarna nog genoten van het uitzicht over de berggebieden rond Beijing en om 11 uur lokale tijd zijn we dan op onze bestemming aangeland: Beijing!
In sneltreinvaart zijn we door de douane gegaan en hadden direct de reisleidster, Miriam, een Vlaamse, gevonden. Met de hele club in de bus naar het hotel, terwijl ze van alles vertelde over de omgeving (heerlijk om naar dat zachte taaltje te luisteren..). Eerste indruk: wat een schone stad (zeker in vergelijking met Bangkok, de enige andere Aziatische grote stad die ik ken)!



Zaterdag 15 april: kennismaking met de stad


In het hotel hebben we even moeten wachten tot de kamers beschikbaar waren. Alles leek een beetje gedesorganiseerd, maar dat valt te verklaren, want het is de 1 e keer dat KRAS.NL dit hotel gebruikt. De kamer is groot en schoon, prima dus! Na even op de koffers te hebben gewacht, zijn we direct de buurt gaan verkennen. Zo kwamen we op een ontzettend leuk marktje terecht (waar we overigens als enige toeristen rondliepen) met groente, fruit, vlees, vis, gedroogde vruchten, noten, snoepjes en nog veel meer. Heel tof om eens de sfeer te proeven en de geuren en kleuren van Beijing in je op te nemen. Als lunch hebben we toen een flesje drinken gekocht daar en een soort pannenkoek/brood gevuld met ui: zeer goed te eten en het kostte bijna niks (2 yuan=0,20 euro). Daarna zijn we nog naar het welbekende plein van de Hemelse vrede, ook wel Tiananmenplein, gelopen, via een leuke hutongwijk. Veel fotogenieke doorkijkjes en personen, die vaak niet doorhadden dat ze werden gefotografeerd (ik diende namelijk als nep-object, zodat Marcel langs me heen kon fotograferen). Ook alvast wat kaarten gekocht (20 voor 10 yuan) en op het plein nog wat rondgewandeld. Heel maf gevoel, een beetje surrealistisch; je staat nu in levende lijve op een plek die je eigenlijk alleen uit films en van foto’s kent.
Om half zes zijn we met de hele ploeg gaan eten. Echt leuk, met z’n zevenen rond een tafel, waarop een draaischijf stond waar allemaal verschillende gerechtjes op werden gezet (naast natuurlijk de thee en rijst). De medereizigers zijn toffe mensen, ben benieuwd of we nog vaker zo spontaan met de ploeg gaan eten.. Daarna zijn we met een goedgevulde maag nog wezen shoppen op de nachtmarkt. Er zijn twee nachtvoedselmarkten, allebei in de buurt van de grote moderne winkelstraat Wangfujing: de oude (Dong’anmen) en de nieuwe. De Wangfujing heeft enorme neonreclames en moderne winkelcentra , waaronder Oriental Plaza; het grootste overdekte winkelcentrum van Azië van wel 1 km lang! Nog wat rondgesnuffeld in een ‘arts & crafts’ warenhuis met allerlei souvenirs en een boekenwinkel. Na deze zeer vermoeiende dag zijn we toen weer rustig naar het hotel gegaan, om lekker te slapen..
Morgen namelijk weer vroeg op, want dan gaan we met de hele club naar een Chinese rommelmarkt (extraatje van onze gids, supertof!); ben zeer benieuwd waar die Chinezen hun zondagochtend mee vullen en wat we zullen gaan zien…



Zondag 16 april: Panjiayuan-markt, city-tour en acrobaten


Vroeg hoor, om 7 uur de wektelefoon, maar ach, na die vermoeiende reis van gisteren lagen we er ook al voor 10 uur ’s avonds in… Het ontbijt was niet echt top: Chinese groente en mie, slappe pap, maar gelukkig was er wel sinaasappelsap, fruitsalade en toast, daar is mijn Nederlandse maag wat meer aan gewend.
Daarna zijn we naar de Panjiayuan-markt gegaan; de zondagsmarkt van Beijing, waar ook veel Chinezen komen snuffelen. Ontzettend leuk om tussen de Chinezen op de rommelmarkt en tussne de toeristen op de souvenirmarkt te lopen. Het onderhandelen over de prijs is zowel leuk om te doen, als andere mensen te zien doen. Je moet echt de vraagprijs flink reduceren (1/3) voor een redelijke prijs, gevolgd door een spel van bijna boos worden, weglopen etc. Veel souvenirs gekocht en voor mezelf een stempel met mijn naam in Chinese tekens laten maken (voor 30 yuan=3 euro). Ik stond niet in het grote namenboek, dus heeft hij het vertaald voor me (later heb ik nog even aan Charlie, onze Chinese gids, gevraagd of het klopte, en het bleek te kloppen!).
Na deze leuke ervaring zijn we aan onze city-tour per bus begonnen. We hebben o.a. het spoorwegstation en het Tiananmenplein gezien, om daarna bij de Zijdestraat te worden gedropt. Op deze markt kun je alles kopen, maar vooral merkkleding (en eigenlijk weinig zijde). Het is eigenlijk geen straat, maar een overdekt winkelcentrum, met kleine stalletjes, waar de verkopers je werkelijk naar binnen sleuren. Ze zijn iets agressiever in het aanspreken van toeristen en we zochten allebei niks van kleding, dus zijn we maar weer snel weggegaan. Even geplast in een hotel; het is heel normaal om binnen te wandelen en gebruik te maken van de prachtige, schone toiletten, handig joh! Daarna hebben we bij een plaatselijk stalletje iets te eten gescoord: een soort dunne pannenkoek met iets kroepoek-achtigs en wat sla ertussen, met een enorm lekkere saus (en het kost maar een paar cent, ongelofelijk).
Vervolgens zijn we met de bus verder gegaan naar de Liulichang Lu: de cultuurstraat. Een lief straatje met ouderwetse huisjes waar vooral kalligrafie-spullen worden verkocht. Vroeger kwamen hier namelijk de geleerden bijeen voor hun examens, vandaar ook de boek- en stempelwinkeltjes (ipv een handtekening gebruiken ze in China namelijk een stempel). Ook nog de gesuikerde appeltjes geproefd, die overal vanaf de bagagedrager van een fiets worden verkocht, best lekker.
Toen zijn we met de bus richting de klokkentoren en drumtoren gegaan, ook wel de Zhong Lou en Gu Lou genaamd. Deze torens staan achter elkaar en hebben we beide beklommen (lekker steile trap). De drums werden ook nog bespeeld: je voelde het vanbinnen helemaal trillen, raar gevoel.
Het volgende onderdeel was de acrobatenshow: wat een spektakel! Echt heel kunstig allemaal, mooie kleuren, prachtige lichten, net een sprookje. Zo hadden ze b.v. 3 hondjes die een act deden; de hondjes waren twee personen in een pak, die zo goed op elkaar waren ingespeeld, dat het leek alsof er echt een grote hond stond. Zag er echt heel geinig uit, die hondjes!
Na de acrobatenshow rustig naar het hotel terug en richting Oriental Plaza gegaan voor het diner. De kelder van dit enorme winkelcomplex is namelijkde gourmet/foodmarket. Allerlei restaurantjes en een soort fast-food eethalletje; bij dat halletje hebben we gegeten. Je koopt een tegoedkaart, loopt langs wat balies, waar de gerechten staan uitgestald (handig, mijn Chinees is namelijk niet briljant), je wijst aan wat je wilt, rekent af met de kaart en gaat ergens aan een van de picknicktafels tussen de Chinezen zitten. Het eten is echt super en kost niks: voor 18 yuan had ik een mini-wokje vol met paddestoelen, paksoi en 4 grote garnalen.
Daarna nog met een ijsje in de hand richting de nieuwe Night Food Market gewandeld: allerlei roodwitte stalletjes met spiesjes met van alles (van vlees, vis tot insecten), echt heel kleurrijk en gezellig. Ook nog een tropische verrassing gekocht: kokosnoot met twee rietjes erin. Ook nog bij een soort Euro-Shop (alleen dan alles voor een vaste yuan-prijs natuurlijk) souvenirs gekocht, en toen gaan slapen, zodat we weer morgen vol energie de Muur kunnen beklimmen.



Maandag 17 april: de Muur, Minggraven en Pekingeend


Een druk programma vandaag met de Muur en Minggraven, vandaar dat we om 6.30 uur een wektelefoontje kregen om aan te schuiven aan het ontbijt (met gelukkig iedere dag toch net iets andere gerechtjes, zodat er altijd wel iets lekkers tussen zit). Om 8 uur vertrokken we richting Badaling: het stuk van de muur het dichtst bij Beijing. Onderweg in de bus de kaarten geschreven: efficiënte tijdsbesteding is het toverwoord van deze vakantie.
Eerst moesten we nog naar een cloisonne fabriek: van de staat China moet je namelijk een aantal vaste stops maken (cloisonne, parel en zijde). Dit is een speciale techniek, waarbij je op koperen voorwerpen een koperen figuur legt van koperdraad, die inkleurt met gekleurd zand, in de oven stopt en dan polijst. Was op zich wel mooi om het proces een keertje te zien. Al kennen ze de Arbo-wet niet hier, in de slecht geventileerde ruimtes.
Daarna weer de bus in op weg naar de MInggraven: mooi om deze typisch Chinese bouwwerken te bewonderen. De bloesem en het ontluikende groen van de lente maakte het tot een plaatje. Aangezien het graf zelf van de keizer (en keizerin) onder een berg zit met cipressen (teken van eeuwig leven) erop, zie je eigenlijk alleen een uit de kluiten gewassen grafsteen. Natuurlijk hebben we ook de bijbehorende Heilige Weg bewandeld: deze weg liep de keizer om zijn voorouders te eren. De weg heeft aan weerszijden grote beelden van o.a. krijgers, olifanten en leeuwen en de frisgroene treurwilgen maken het tot een prachtige weg.
De lunch was in een soort van der Valk (volgens de gids…). Prima tent hoor, weer gezellig met de hele ploeg aan een ronde tafel met allemaal gerechtjes. De bijbehorende “Friendship Store” was erg groot, met veel souvenirs (niet goedkoop en niet supermooi, soms zelfs kitscherig).
Vervolgens gingen we naar Badaling voor de Muur. Onderweg werden we al getrakteerd op een paar prachtige kijkjes op dit wereldwonder. Omdat de reisgidsen speciale contacten hebben met een koffiehuisje ter plaatse, mogen we met de bus tot bij het begin van de Muur parkeren (andere mensen moeten eerst nog een stuk gewone weg omhoog lopen om bij de muur te komen). In de eerste instantie schrok ik een beetje van de hoeveelheid toeristen, maar dat bleek onterecht. Er is namelijk een “moeilijk” en een “makkelijk” deel, waarvoor je respectievelijk links of rechts moet. We zijn links begonnen, want dat was het stuk met de minste toeristen, maar wel meer verkopers, want de Europeanen (die geld hebben voor souvenirs) kiezen dit stuk uit. Het was goed te lopen en heel erg mooi en indrukwekkend om te zien, al zorgde een milde zandstorm wel voor een iets beneveld uitzicht. Daarna zijn we nog een stukje de makkelijke kant opgegaan, maar een evident verschil in moeilijkheid tussen de twee kanten hebben wij niet kunnen ontdekken. Om de contacten in stand te houden, hebben we thee gedronken bij het koffiehuisje, om vervolgens terug naar Beijing te reizen.
In het hotel even de spullen neergelegd en wat boodschappen wezen doen op het marktje vlakbij. Daarna met bijna de hele ploeg de enige echte Pekingeend gaan eten. Eerst kregen we enorm veel andere lekkere gerechtjes (het pittige lamsvlees was mijn favoriet) op de inmiddels welbekende draaischijf op de ronde tafel. Het restaurant had een aantal bakken met vissen, schelpen en kikkers (jammie!). Gelukkig kregen we die niet op ons bord, maar wel een eend! De Pekingeend werd voor onze neus in stukjes gesneden, om hem daarna in een dun pannenkoekje te rollen met wat lente-ui en een soort stroop. Het was leuk om een keertje in Peking Pekingeend te eten, maar om nou te zeggen dat het echt superspeciaal lekker was…
Na dit maaltje zijn we naar het Tiananmenplein gegaan, maar dat was helemaal dicht (want het was helemaal schoongemaakt, zoals de gids ons al had verteld). Toen zijn we nog een rondje gaan lopen op de NIght Market, maar ook die was gesloten. Wel zijn we nog een leuk Chinees straatje met winkeltjes, kapper en eettentjes doorgelopen. Na deze wandeling lekker gaan slapen, morgen weer een nieuwe dag!



Dinsdag 18 april: Lama-tempel, Lotus-lane en hutongtoer


Vandaag konden we uitslapen: om half 8 ging de wektelefoon, zodat we om 9 uur naar de Lama-tempel konden vertrekken. Het ontbijt was weer anders dan gisteren: heb wat lokale gestoomde broodjes geprobeerd, was een prima ontbijtje!
De Lama-tempel was zeer mooi, net een sprookje in Tibet. De wierook die je tegemoet komt, de bloesembomen, de mensen (en hier en daar een monnik) die bidden, heel sfeervol. Wierook brand je per 3 stokjes (of 3 bundels van wierook): 1 voor hemel, 1 voor centrum en 1 voor aarde. Helaas mocht je binnen niet fotograferen: de meest prachtige Boeddha’s heb ik gezien (inclusief het 23 m hoge beeld dat uit één boomstam is gesneden!).
Daarna zijn we naar het keizerlijk college gegaan, Guozi Jian met de Confuciustempel. Helaas staat het in de steigers voor een restauratie (om alles voor 2009 in orde te maken), dus hebben we het niet in volle glorie kunnen zien.
Daarna hebben we postzegels gekocht en de 33 kaarten op de post gedaan, om vervolgens de bus in te gaan naar Lotus-Lane. Lotus Lane ligt aan een van de meren van Beijing, en is het uitgaansgebied van de stad voor zowel toeristen als de stedelingen zelf. Daar hebben we een rondje gelopen rond het meer (en o.a. de fotoshoot gezien van een bruidspaar) en een lokale lunch gescoord: gestoomde broodjes met een vulling van lente-uitjes en ei. Dit hebben we gezellig op een bankje aan de rand van het meer in het zonnetje opgegeten, geweldig uitzicht! Snel nog even een lokale toilet bezocht: apart om alleen tussenschotjes te hebben en je buurvrouw te zien/horen bellen op de WC. De gebruiken zijn trouwens iets anders hier: rijen kennen ze niet (ben je het eerst bij de deur, ga je naar die WC) en papiertjes mogen niet worden doorgespoeld (al zie je dat vaker in het buitenland).
Toen was het tijd voor de riksja’s die ons rond gingen brengen door de hutongs. Machtig mooi om als een slinger met de hele club door die oude wijken te fietsen. De eerste stop was een markt: een enorme hal waar je alles van groente, fruit, vlees, potten en pannen tot kleding en planten kon kopen. Het was een prachtig samenspel van kleuren, geuren en geluiden.
Daarna weer verder op de fiets naar de volgende halte: een hutong vanbinnen bezoeken. We werden ontvangen door een aardige man die uitleg gaf (Charlie vertaalde het voor ons). Het vierkante complex bestond uit een aantalkamers (1 woonkamer en een aantal slaapkamers), een keukentje en een mooi binnentuintje. Hij had schildpadden (teken van eeuwig leven) en vogeltjes, heel gezellig allemaal. Na hem met een kaart uit Nederland te hebben verblijd (met bewegende molen), moesten we plek maken voor een nieuwe groep van wel 30-40 man!
De tocht ging verder, om bij de Klokkentoren uit te komen. Daarachter was een bejaardentehuis; iets zeldzaams in China, aangezien het gebruikelijk is je ouders in huis te nemen, zodra ze hulp nodig hebben. Door de veranderende maatschappij echter en verhuizingen van de kinderen, is dat soms niet mogelijk. Een toffe 85-jarige Chinees die prima Engels sprak (hij was leraar geweest), vertelde een verhaaltje, waarna we de kamertjes mochten bekijken. Ook hem heb ik zo’n kaart gegeven, blijft leuk om kleine presentjes te geven als blijk van waardering. Best aardige kamers, voor 1/2/3 personen, ze krijgen 3 keer per dag een maaltijd en spelen gezellig spelletjes samen als mahjong.
Vervolgens hebben we in de klokkentoren een korte uitleg over de theeceremonie gehad; best geinig.
Er was een weeromslag: het begon te waaien en te zandstormen (mijn haren zaten vol die avond). Moedig hebben de fietsers van de riksja’s ons met wind tegen teruggefietst naar de bus. Als dank kreeg hij een fooi en uiteraard ook een kaartje met molen.
De bus zette ons af bij de Wangfujing, waar we de foreign book store (om cd’s te kopen, logisch toch?) hebben bezocht en het warenhuis SunDongAn Plaza. Dineren hebben we weer tussen de Chinezen gedaan in Oriental Plaza op de foodmarket. Lekker hoor, een soort Mongoolse “hot pot”: hete bouillon waarin je van alles laat koken, met een lekkere maïskolf erbij.
Daarna hebben we zandstorm getrotseerd voor wat winkeltjes en de eerste nachtmarkt (nou ja, nacht, tot 21 uur is hij open). Een beetje verwaaid kwamen we weer terug in het hotel, waar we na een lekkere douche (er moest een laag zand vanaf namelijk) ons bed zijn ingedoken. Morgen namelijk weer vroeg op voor de Verboden Stad, het plein van de Hemelse Vrede en de tempel van de Hemel….



Woensdag 19 april: Verboden Stad, Tempel van de Hemel, opera


Om 6.30 uur ging het wektelefoontje, zodat we om 8 uur in de bus konden zitten, op weg naar de Verboden Stad. We zijn aan de Noordkant begonnen, dus tegen de stroom toeristen in om de drukte te vermijden (en dat is wel erg lekker hoor). Eerst door de tuin van de stad gelopen met prachtige bomen, kalksteenformaties en mozaïek op de grond. Daarna zijn we richting persoonlijke vertrekken van de keizer gegaan. Het was heerlijk rustig, je zou niet zeggen dat je bij dé topattractie van Beijing was! De vertrekken van de concubines (bijvrouwen) waren leuk om te zien; een soort gezellige hofjes. Daarna naar een soort tempel geweest, waar een prachtig plafond was, waaruit een draak met parel in de bek kwam. De verhalen van onze gids waren zeer aangenaam om naar te luisteren (maakt de beleving nog iets specialer), zeker met het zonnetje erbij (al stond er wel een straffe bries). Langzamerhand kwamen we dichterbij de hal van de volmaakte harmonie (middelpunt van de stad) en dus in de mensenmassa’s. Ondanks het feit dat een groot deel in restauratie is, blijft het een enorm indrukwekkend complex (al hebben we slechts een fractie gezien). Het verschil tussen al gerestaureerde en nog niet opgeknapte delen was duidelijk: het ene schitterde je tegemoet van de kleur, het andere niet.
Bij de Zuidpoort liepen we zo het plein van de Hemelse Vrede weer op, waar we (na een groepsfoto te hebben gemaakt, altijd leuk) even hebben rondgewandeld. Ik ben een heel aantal keer stiekem door Chinezen gefotografeerd (maar ja, wij zetten Chinezen net zo goed op de foto): mijn blonde haar blijft toch iets exotisch hier.
De lunch hebben we gebruikt in het restaurant van het nationaal museum. Je moet het maar weten om in die hal de lift naar de 4 e te pakken, om dan ineens in een prachtig aangekleed Chinees restaurant terecht te komen. Wederom gezellig aan een ronde tafel allerlei gerechtjes geprobeerd: echt leuk om zo te lunchen.
Met goedgevulde magen zijn we naar de zijdefabriek gegaan, een van de vaste nummers, maar wel interessant om het hele proces eens te zien van cocon tot dekbed.
Daarna zijn we richting tempel van de hemel gegaan. Het staat middenin een enorm park, met een altaar en de berucht echomuur (hij werkt echt, heb het zelf geprobeerd). Na een stukje door het park te hebben gewandeld, zijn we weer de bus ingestapt naar het hotel.
Aangezien we op tijd terug moesten zijn voor de opera, zijn we om de hoek naar het Beijing new world shopping centre gegaan. Aan de overkant hebben we bij SuShow, een warenhuis, gegeten in een soort zelfde concept als bij Oriental Plaza. Mijn visje met saus en groente was prima (zeker voor die 19 yaun= 1,90). Daarna nog met een soort sorbet als toetje (fanta met softijs, weer eens iets anders) naar het hotel teruggegaan. Met z’n zessen hebben we toen een taxi genomen richting opera, Charlie als begeleiding. In het Liyuan Theater (in een hotel) waren veel blanke toeristen, maar dat mocht de pret niet drukken. Van tevoren kon je zien hoe de acteurs zich opmaakten, wat een werk zeg. De opera zelf viel 100% mee: gelukkig niet al te veel zang (mijn Westerse gehoor kan dat niet echt lang verdragen), wel veel martial arts (met zwaarden en stokken), acrobatiek, Chinese muziek en mooie kostuums. Het verhaal, met Engelse ondertitels (van wisselende kwaliteit), ging over 8 immortals, die de zee over wilde steken; dit fragment uit de opera duurde ongeveer 75 minuten. Precies lang genoeg om een goed indruk van deze kunst te krijgen, heel erg tof om meegemaakt te hebben.
Na met de taxi teruggegaan te zijn naar het hotel, hebben Marcel en ik samen nog een drankje gedaan in een leuk tentje. We zaten op een soort schommelbankjes in een café, ingericht met een soort boom, veel natuurlijk materiaal en stenen op de grond. Ik had een soort thee besteld (dacht ik), maar het bleek gezoete thee met melk; ach ja, dat is het risico als je hier iets avontuurlijks van de kaart kiest. Daarna zijn we lekker gaan pitten, morgen het Zomerpaleis, dus hopen op lekker weer (en iets minder wind, anders varen er geen bootjes op het meer daar).



Donderdag 20 april: Zomerpaleis, Beihai- park, afscheidsdiner


Vandaag om 7 uur de wektelefoon, zodat we om half negen richting Zomerpaleis konden vertrekken. Het is eigenlijk een soort enorme buitentuin van de keizers geweest van 280 ha groot, op ongeveer 20 km van het centrum. Helaas stonden de wereldberoemde beschilderde wandelgangen in de steigers, maar de rest van het park was minstens zo mooi. Bij de ingang was het enorm druk, maar al snel kwam je in een rustiger gebied, waar je optimaal kon genieten van de rust. Het is echt een enorm mooi park; de rust, de bloemen, de bomen, het water, alles was even prachtig, zeker met de zon erbij! Ik zou maar wat graag als keizerin hier mijn tijd door willen brengen… Na een kort tochtje over het Kunming meer (dat een groot deel van het park inneemt) met de boot, zijn we weer de bus ingestapt, op weg naar de parelfabriek.
Dit is wederom een verplichte stop (de laatste), maar wel weer geinig om het proces te zien van parels. Ik heb zelf drie pareltjes gekregen en geleerd hoe ik echte en nepparels van elkaar kan onderscheiden (wrijf ze tegen elkaar, bij echte parels, komt er een soort stof op). Uiteraard moesten we ook de winkel aandoen (ik wist niet dat ze ook crème van parels maakten), waar we gelukkig ook even een beetje konden theeleuten.
Na de parels zijn we teruggegaan naar het hotel, onderweg nog even langs het vogelnest gereden (een stadion in aanbouw voor de Olympische Spelen 2008), best leuk om gezien te hebben.
Onze lunch hebben we gekocht bij het marktje om de hoek van het hotel; lekker dichtbij dus. Het waren een soort gestoomde broodjes, opengesneden en gevuld met vlees en ui, met een maïskolf erbij, al zittend op een stoepje in de zon opgegeten, heerlijk!
Daarna zijn we naar de Dazhalan straat gegaan, ten zuiden van het Tiananmenplein. Dit is een leuk oud straatje met allemaal winkeltjes, waar een goed theehuis zit (met dank aan de tip van onze gids). Met veel moeite hebben we geprobeerd onze laatste briefjes geld uit te geven, maar alles is zo goedkoop, dat je kunt blijven kopen… Vervolgens hadden we het plan om naar het park te gaan dat op de kaart naast de Verboden Stad lag, maar dat pakte anders uit. Het bleek namelijk terrein te zijn van de partij, dus niet toegankelijk voor ons. Toen hebben we maar de volle lengte van de Verboden Stad gelopen (het was spitsuur, een taxi was niet te krijgen), om uiteindelijk, toen het al begon te schemeren, in het Beihai-park aan te komen. Daar moesten we ook nog eens entree betalen (stelde niks voor hoor, maar als je zo’n eind hebt gelopen wel). We hebben het dichtstbijzijnde bankje uitgekozen om op uit te rusten, genietend van het park met het meer met de witte pagode op een eilandje in het midden. Het was een flinke wandeling, maar ja, dat krijg je, als je tevoren niet informeert bij de gids (die weet namelijk echt alles).
Gelukkig konden we voor de terugreis naar het hotel wel snel een taxi krijgen naar het hotel. Daar hebben we alvast de koffers gepakt voor morgen. Wel raar hoor, het voelt alsof je hier al zo lang bent, terwijl je eigenlijk net pas bent aangekomen. Als “laatste avondmaal” zijn we met bijna de hele ploeg gaan eten, super gezellig! Voor 80 yuan een enorm lekkere draaitafel vol gerechtjes gegeten, mijn beste maal tot nu toe (er zaten namelijk een paar wat pittigere dingen tussen, daar houd ik wel van). Daarna een douche genomen, want morgen gaat de wekker erg vroeg: ik ga namelijk de vlagceremonie bij zonsopgang bekijken met een aantal andere die-hards.



Vrijdag 21 april: vlagceremonie, terugreis


Zeer vroeg opgestaan om het hijsen van de vlag mee te maken. Om kwart voor vijf naar het Plein gelopen met zowel Charlie als Miriam als begeleiding. Heel apart om zo ’s ochtends door de stille straten van Beijing te wandelen en de stad te zien ontwaken. Er was amper verkeer, al werd het richting Plein wel drukker (met bussen vol Chinezen). We mochten tot op 40 m afstand staan, met over de breedte van het plein 5 rijen mensen voor ons, eigenlijk net iets te veel om goed over heen te kijken. Uit de poort met Mao erboven kwamen ongeveer 20 soldaten, die hezen de vlag (met muziek op een bandje, stopte precies toen de vlag in top was) en liepen weer terug. Het grappigste vond ik nog wel de kinderen die in hun trainingspakjes keurig in de rij aan de zijkant mochten staan om alles goed te kunnen zien.
Na te zijn teruggewandeld, om een uur of zes nog even de ogen gesloten, om rond 8 uur op te staan en klaar te maken voor vertrek. Na het ontbijt nog even de laatste yuans opgemaakt aan nootjes (zijn hier goedkoper dan in Nederland, maar relatief duur, zodat je snel door je geld gaat) en toen met de bus richting vliegveld. Het verkeer viel mee, dus we waren ruim op tijd om in de rij te wachten tot we konden inchecken, natuurlijk nadat we uitgebreid Miriam en Charlie gedag hadden gezegd. Met veel gewacht, gecheck en gecontroleer (briefjes over je bagage, of je vogelgriep hebt en wat je in China komt doen), zijn we rond kwart voor 3 vertrokken (met dus 1 uur vertraging volgens de planinng).
De maaltijd was heerlijk: rijst met zeefruit, salade met zeefruit, meloen, broodje en een chocolaatje. Na een paar uurtjes wat gelezen/gerust te hebben kwam er een kopje jasmijnthee langs, altijd een succes. Nog wat gelezen en TV gekeken (mr. Bean, ken ik al, zeker omdat ze in het vliegtuig continu worden herhaald) en een keertje eten gehad. Deze keer noodles met zeefruit,, komkommer, watermeloen en een croissantje; zeer goed te eten. De resterende 3 ½ uur nog wat gelezen en gerust, om rond 7 uur ’s avonds weer voet op Hollandse bodem te zetten..
De bagage kwam vrij snel en met de trein naar Utrecht gegaan om daar afscheid te nemen van mijn reisgenoot. .. Wat een geweldige reis is dit geweest, alleen ben ik wel erg moe (voor mijn gevoel is het namelijk nu niet half 9, maar half 3 ‘s nachts).



Indrukken Beijing



Schoon : weinig afval (er zijn dan ook veel bezemers) en zwervers voor zo’n grote stad (zullen er wel meer worden als het Westerse kapitalisme zijn opmars zal doorzetten op de huidige voet).


Gewoontes : rijen kennen ze hier niet, ook niet bij de WC (de eerste de beste die vrijkomt, stap je binnen). Spugen en rochelen is normaal, zolang je het product in en prullenbak of bij een boom eruit gooit. Zeker in de restaurants zijn de Chinezen zeer behulpzaam, gastvrij en ordelijk.

Stad : Beijing heeft prachtige bomen, wel een groot verschil tussen arm en rijk door de combinatie van Oosters communisme en Westers kapitalisme. Op straat is het veilig, geen moment heb ik me bedreigd gevoeld, zelfs niet ’s avonds op straat.

Handel : onderhandelen over de prijs is noodzaak. Je vraagt de prijs, schrikt van het bedrag en zegt dat het veel te hoog is. De verkoper vraagt je een bedrag te noemen, ga minstens op 1/3 of nog lager zitten. Daarna begint het heen en weer opbieden (met een rekenmachine), om uiteindelijk op een voor beiden acceptabel bedrag uit te komen. Het weglopen bij het hoogste bedrag dat je bereid bent te betalen, werkt prima. Gewoon rug naar de verkoper en weglopen, je merkt wel of je wordt nageroepen: OK! Ook een beetje drammende reisgenoot helpt goed in het laten zakken van de prijs…


- Verkeer: go with the flow; ga met de stroom mee, kijk goed uit op de kruispunten, meestal krijg je bij groen licht wel kans om over te steken, maar een garantie is het zeker niet. Ook doorrijden tot op het allerallerlaatste moment is heel normaal voor de Chinezen.


Ook zin in vakantie na het lezen van dit reisverslag? Bekijk het reisaanbod naar China

Kadobon winnen?

Wilt u ook kans maken op een kadobon? Per kwartaal wordt de inzender van het mooiste reisverslag beloond met een kadobon.