Skip navigation

Reisverslag: Klassiek Cuba

Door: Dhr. Groeneveld, Voorburg 
Klassiek Cuba



Donderdag 19 juli 2007


Omdat we vrijdag de 20 e al om half vier op Schiphol moeten zijn vertrekken we op donderdagavond naar het Ibis-hotel Schiphol om daar te overnachten en de auto te parkeren. We drinken er iets in de bar en gaan niet al te laat naar bed.



Vrijdag 20 juli 2007


Een kleine misrekening als we tegen half vier met de shuttlebus uit het hotel willen vertrekken. Er moet een taxi aan te pas komen want de eerste shuttle vertrekt pas om half vijf. Op Schiphol treffen we al een behoorlijke wachtrij aan voor de incheckbalies. Gelukkig hebben we comfort class geboekt en die rij is wat korter.

We vertrekken zoals gepland om 06.00 uur en komen rond 10.00 uur ’s morgens lokale tijd aan (het is op Cuba zes uur vroeger dan in Amsterdam) op het vliegveld van Varadero. We maken hier kennis met onze gids voor de komende veertien dagen, Roy Saez.

Rond half elf vertrekken we met de bus naar de hoofdstad Havana, waar we de komende drie nachten zullen verblijven in Hotel Ambos Mundos in het oude centrum, Habana Vieja. Tijdens de eerste stop onderweg maken we kennis met een bekende Nederlander. Langs de boulevard aan de baai van Matanzas staat een groot standbeeld van Piet Hein. De volgende tussenstop doen wij bij de Bacunayagua brug die 110 m hoog is en de Yumuri Rivier overspant. We hebben er een prachtig uitzicht over het dal en een bandje zorgt voor wat gezellige muziek. Rond 13.00 uur komen we aan bij Hotel Ambos Mundos in de Calle Obispo, midden in Habana Vieja. Het is een rijk gedecoreerd hotel met een literair verleden. De schrijver Ernest Hemingway verbleef hier tussen 1932 en 1939 regelmatig in kamer 511. Die kamer krijgen we niet, maar de onze is ook prima: schoon en met douche en toilet. Wat willen we nog meer? De rest van de middag verkennen we de omgeving en bezzoeken o.a. de boulevard en de markt. Ten slotte gaan we naar een cafe waar live music is en rond 18.30 zijn we terug in het hotel.



Zaterdag 21 juli 2007


We ontbijten (heel goed) op het dakterras van het hotel waar we een schitterend uitzicht over de stad hebben. De vertrektijd van vandaag, 08.30 uur, wordt een half uurtje later want de bus blijkt stuk te zijn en er moet een andere komen. We maken kennis met de chauffeur die ons tijdens onze rondreis zal vervoeren: Jesus Baccalao Mates. Dan vertrekken we naar de sigarenfabriek bij Pinar del Rio. We rijden langs de ingang van de haven waar aan verweerde oude muren de was hangt te drogen. Opvallend is dat vervallen gebouwen overal worden gerestaureerd. Onze indruk van Havana is indrukwekkend: oud, oud en nog eens oud totdat we in de ambassadewijk komen. Daar staan in schril contrast met wat we tot nu toe hebben gezien, de prachtigste villa’s. Op de grote weg ziet het er wel wat anders uit dan we in Nederland gewend zijn. Er is niet veel verkeer en regelmatig passeren we controlepunten, waar altijd wel mensen op een lift staan te wachten. Automobilisten zijn verplicht de lifters mee te nemen als ze plaats in (of op) hun auto hebben. Ze krijgen een bekeuring als ze dat niet doen. Het openbaar vervoer rijdt niet al te frequent en is daardoor altijd overvol. Je ziet onderweg dan ook heel veel trucks, volgeladen met mensen en bagage.

De sigarenfabriek blijkt een grote warme hal te zijn waarin de mannen, vrouwen, jongens en meisjes in schoolbankopstelling met het maken van de sigaren bezig zijn. Ze moeten een bepaald quotum per dag halen. Voor in de hal is een soort podium waarop door de baas de krant wordt voorgelezen. Er lopen opzichters rond om te voorkomen dat de werknemers illegaal in sigaren gaan handelen. Voor de werknemers is het echter een welkome aanvulling op hun schamele loon, dus ze proberen het toch (met in onze groep weinig resultaat overigens). Het proces is heel interessant om te zien: van het drogen van de bladeren tot het verpakken van de sigaren. Helaas mogen er geen foto’s worden gemaakt. Om 11.30 uur vertrekken we uit de sigarenfabriek en doen een fotostop bij Hotel Los Jazmines.

Dan een bezoek aan de Cueva del Indio in het dal van San Vicente, die in 1920 werd ontdekt. Het eerste deel van de tocht doen we lopend door verlichte tunnels om vervolgens met een bootje zo’n 400 m over de ondergrondse rivier naar de uitgang te varen. Het is een mooie grot waar je met een beetje fantasie aardig wat figuren in de rotsformaties kunt herkennen.


Op weg naar de lunch passeren we het plaatsje Vinales, waar we een fotostop houden. Het dorp bestaat sinds 1607 en heeft veel koloniale huizen met blauwe accenten en met de karakteristieke arcaden als beschutting tegen de zon en de tropische regenbuien. Aan het hoofdplein Parque Marti ligt de Iglesia del Sagrado Corazon de Jesus uit 1888.

Rond 14.30 uur komen we aan in het unieke landschap van de Valle de Vinales. De mogotes die we daar aantreffen, zijn steile kalksteenformaties die dichtbegroeid zijn met o.a. bergpalmen en palmvarens. We bekijken er de muurschildering op de Mogote Dos Hermanas. Deze werd gemaakt door de Cubaanse schilder Leovigildo Gonzalez, een leerling van de beroemde Mexicaanse kunstenaar Diego Rivera (de echtgenoot van Frida Kahlo, eveneens schilderes). De schildering beeldt de evolutie van de mens uit en de scheuren in de rots zijn gebruikt voor speciale licht- en kleureffecten.

In het erbij behorende restaurant krijgen we een prima lunch voorgezet (natuurlijk met muziek!) en na een voorspoedige terugreis zijn we rond 18.15 uur terug in ons hotel. Op de televisie zien we dat de 12 e etappe in de Tour de France gisteren is gewonnen door Tom Boonen en dat Vinokouros – ondanks hechtingen en schaafwonden veroorzaakt door een eerdere val – vandaag de 13 e etappe heeft gewonnen.
Rond 20.30 uur gaan we de stad in en eten in de tuin bij Restaurant La Mina. Tot slot een drankje op het dakterras van het hotel en dan naar bed.



Zondag 22 juli 2007


De wekker gaat vandaag om 08.00 uur en na het ontbijt en een bezoek aan de kamer van Ernest Hemingway vertrekken we om 09.30 uur met paardenkoetsjes naar het moderne Havana. De eerste stop is bij het Capitolio dat in 1929 werd ingehuldigd door dictator Gerardo Machado. De Koepel was met zijn 92 m hoogte tot rond 1950 het hoogste punt van Havana en tot 1959 was het gebouw de zetel van de regering.
We rijden verder langs het Museo de la Revolucion, het voormalige paleis van dictator Fulgencio Batista, en komen dan op de Plaza de la Revolucion. Langs het plein zijn een aantal ministeries gevestigd, o.a. het Ministerio del Interior (Binnenlandse Zaken) met de sculptuur in bronsdraad van Che Guevara en de woorden “Hasta la Victoria siempre”. Ook staat hier het Jose Marti-monument, waarvan de toren 139 m hoog is en werd voltooid in 1959. Ervoor staat een 18 m hoog wit marmeren beeld van de nationale held Jose Marti.


We stappen weer in onze koetsen en gaan naar de Necropolis Colon, een begraafplaats met een oppervlakte van bijna 55 ha en circa twee miljoen graven. We zien o.a. het grafmonument Las Victimas de la Caridad, dat de graven bevat van de slachtoffers van de grote brand in 1890, onder wie de 15 a 16 omgekomen brandweermannen. Het ongeluk vond plaats in de ijzerwinkel Isasi. Ook hier het graf van Ibrahim Ferrer Planas , een muzikant van de Cubaanse band Buena Vista Social Club. Verder het graf van Amelia Goyri de la Hoz met de bijnaam “La Milagrosa” (de wonderbaarlijke). Amelia overleed op 24-jarige leeftijd in het kraambed en werd met haar kind aan de voeten begraven. Volgens het volksverhaal werd de tombe enkele jaren later geopend en werd het lichaam onaangetast met de baby in de armen aangetroffen. Door dit “wonder” en het feit dat de ontroostbare echtgenoot het graf letterlijk nooit de rug toekeerde, groeide Amelia uit tot een symbool van moederlijke liefde. De tombe is nu een pelgrimsoord voor toekomstige moeders die bloemen brengen en haar zegen vragen . Ze vertrekken zonder het graf de rug toe te keren.

Via de boulevard rijden we terug naar Habana Vieja voor een “mojito” bij O’Reilly Cafe. Deze Cubaanse cacktail bestaat uit witte rietsuiker met limoensap en een gekneusd takje munt. Hieraan wordt witte rum toegevoegd waarna het glas wordt aangevuld met sprankelend mineraalwater en ijsblokjes.
Ten slotte door een wirwar van straatjes naar de Plaza de la Catedral. Aan dit plein liggen een aantal gebouwen zoals de Catedral de San Cristobal en het Palacio del Conde Lombillo, In dit laatste paleis is nu de Historiador De la Habana gevestigd met tijdelijke tentoonstellingen over de stad.
De Catedral de San Cristobal is in barokstijl uitgevoerd en is een nationaal monument. De kerk heeft veel nissen en zuilen en twee ongelijke klokkentorens.

Rond 16.00 uur zijn we terug in het hotel . We pakken alvast de koffers en maken ons daarna klaar voor het Cabaret Parisien met vooraf diner dat we voor vanavond in Hotel Nacional hebben besproken. We nemen een taxi ernaartoe en genieten op het prachtige terras van Hotel Nacional van het uitzicht over zee en van onze mojito. We eten heerlijk in het restaurant en krijgen daarna een prachtige variete-show te zien met veel geweldige dansers en schitterende kostuums. Rond middernacht zijn we terug in het hotel.



Maandag 23 juli 2007


Na het ontbijt vertrekken we om 09.00 uur richting Cienfugos, onze volgende pleisterplaats. Voor we Havana uitrijden brengen we eerst een bezoek aan een rumfabriek. We zien hier hoe de rum wordt gebotteld. We krijgen uitleg over het fabricageproces en mogen als afsluiting van het bezoek de rum proeven. Wel wat vroeg om 10.00 uur ’s morgens! We wagen ons er ook maar niet aan, anders wordt het slapen in de bus en dat zou zonde zijn.
Terwijl we buiten op de rest van de groep wachten heeft Charles een tehuis voor demente bejaarden en Alzheimer-patienten ontdekt. Je wordt er niet vrolijk van als je ziet in welke omstandigheden deze mensen moeten leven. Dat is allemaal stukken minder dan in Nederland. Rond 12.00 uur stoppen we onderweg bij een kleine dierentuin waar ze heerlijke koffie serveren, compleet met rietsuikerstengel, koffieboon, koekje en blaadje van de koffiestruik. Het is dan nog ongeveer 120 km naar Cienfuegos. Rond 14.00 uur arriveren we bij het Palacio de Valle voor de lunch. Het Palacio de Valle werd tussen 1913 en 1917 gebouwd en is het origineelste gebouw in de wijde omtrek. Het werd door Batista in een casino veranderd en doet nu dienst als restaurant. De lunch is er prima en wordt natuurlijk weer door muziek begeleid.

Om 15.45 uur vertrekken we naar het Parque Marti, het hoofdplein van de stad. Op dit plein staat de enige triomfboog van Cuba, die werd gebouwd in 1902 ter gelegenheid van het uitroepen van de republiek Cuba.
We zien er prachtige gebouwen, o.a. het Palacio Ferrer met de opvallende blauwe koepel en de Catedral de la Purisima Concepcion. Na het maken van een rondje “winkel”straat (een erg weidse benaming voor een straat met de in westerse ogen nogal schamele winkels) komen we rond 17.00 uur aan in Hotel Jagua, waar we een mooie, grote kamer op de zevende etage krijgen met een prachtig uitzicht over de baai. Het hotel bevindt zich op de punt van een landtong en biedt zodoende aan alle kanten een schitterend uitzicht. Helaas is het zwembad gesloten vanwege een bacterie in het water, maar gelukkig hebben we een prachtig terras direct aan de zee, waar we van een drankje kunnen genieten. ’s Avonds na het diner gaan we met een aantal van de groep naar de disco van het hotel, waar het heel gezellig is ondanks het redelijk hoge percentage “onderbroekenlol”. Rond 01.00 uur is het beste er bij iedereen wel af en gaan we naar bed.



Dinsdag 24 juli 2007



We staan vandaag om 07.00 uur op en pakken onze tassen weer in want om 09.15 uur vertrekken we naar Trinidad. We rijden door de prachtige vallei Valle de Los Ingenios en houden daar een uitzichtstop. Al rond 11.15 arriveren we in het centrum van Trinidad waar we de Plaza Mayor verkennen. We zien er de Iglesia Parroquial de la Santisima Trinidad, de Drievuldigheidskerk en een aantal karakteristieke Cubaanse huizen. De huizen hebben allemaal zogenaamde barrotes voor de ramen. Dit zijn gedraaide houten spijlen, kenmerkend voor de 18 e eeuwse bouw. We fotograferen inwoners van de plaats Trinidad, natuurlijk weer de schitterende oude auto’s en de overal prachtig bloeiende flamboyant. We brengen een bezoek aan het Palacio Brunet waarin het Museo Romantico is gevestigd. Het paleis is prachtig gedecoreerd met fresco’s en het heeft een schat aan mooie zaken zoals meubels van kostbare houtsoorten, Sevres-vazen en Boheems kristal. We drinken een Cubaanse Canchanchara cocktail, gemaakt van rum, limoen, water en honing, die wij zelf niet zo lekker vinden als de mojito. We bewonderen de leuke keienstraatjes, de gekleurde huizen, de kunstnijverheidsmarkt en de Iglesia y Convento de San Francisco. De klokkentoren van deze kerk met klooster is het symbool van Trinidad en stamt oorspronkelijk uit 1813. Ook bezoeken degenen die daar belangstelling voor hebben, met Roy een adres waar echte Cohiba’s en andere Cubaanse sigaren kunnen worden gekocht tegen een redelijke prijs. Roy neemt er zijn karakteristieke houding weer eens aan: achterstevoren op een stoel, met sigaret en pet.

Rond 16.00 uur vertrekken we richting hotel Ancon dat op een landtong ongeveer 12 km verderop ligt.
Het hotel is all inclusive, dus iedereen bij de receptie eerst een bandje om de pols om laten doen. Het hotel biedt een prachtig uitzicht over zee. De kamers zijn niet groot en de airco bevindt zich pal naast het hoofdkussen. Eerst dus maar een verbouwing plegen, want anders wordt er vannacht weinig geslapen. Met het van het hoofdeind voeteneind maken en het verschuiven van het bed komen we een heel eind!
Er is een groot zwembad, waar we ons heerlijk kunnen opfrissen en met een aantal van de groep een mojito drinken in de bar die erbij hoort. ’s Avonds komen we een beetje van een koude kermis thuis als we willen eten. We blijken te moeten aansluiten in een forse rij wachtenden. En dan is het hier in Cuba nog niet eens hoogseizoen! Maar goed, een beetje KRAS.NL-reiziger past zich aan en laat de pret hierdoor niet bederven. Wel proberen we meteen een reservering te regelen voor morgenavond in het ook tot het hotel behorende restaurant. We horen morgen of dat lukt. Overigens is het eten in de “vreetschuur” niet slecht.
Na afloop drinken we nog iets in de bar van het zwembad met de hele groep en gaan dan naar bed.



Woensdag 25 juli 2007


De wekker gaat om 07.00 uur en na het ontbijt vertrekken we om 09.00 uur naar het natuurpark Topes de Collantes in de Sierra del Escambray. Topes de Collantes ligt 800 m boven de zeespiegel en is beroemd om de goede, schone lucht. Het laatste stuk van de rit worden we per truck vervoerd, omdat de bus er niet kan komen. Vanuit Topes de Collantes maken we onder leiding van een gids een wandeling naar een waterval, de Salto del Caburni. De tocht voert ons door een tropisch bos met mooie rotsformaties en de gids vertelt ons veel over de flora en fauna. In the middle of nowhere bezoeken we een supereenvoudige woning waar we kruidenthee te drinken krijgen. We lunchen in het natuurpark en zijn rond 15.00 uur terug in het hotel, waar we naar het strand gaan. Om 17.00 uur zijn we present voor een geplande tocht met een catamaran op zee. Helaas: de catamaran is stuk en de tocht gaat niet door. Dan maar naar een plekje in de zon op het terras bij het zwembad. Om 19.30 uur naar het speciale restaurant. De reservering daar is gelukkig gelukt en ook Roy heeft er een aantal plaatsen kunnen bemachtigen, zodat een deel van de groep er kan eten. We zitten hier een stuk gezelliger dan in de “vreetschuur” en het eten is er lekker. Helaas is hier het personeel weer niet zo erg vriendelijk. Het is overigens voor de eerste keer op Cuba dat we dat meemaken! Als afsluiting van de avond drinken we met de groep nog iets in de zwembadbar en dan is ook dag 6 al voorbij.



Donderdag 26 juli 2007



Nationale Feestdag, de Dag van de Revolutie! Omdat er vanwege de Dag van de Revolutie vertraging onderweg kan optreden, vertrekken we al om 09.00 uur via Sancti Spiritus naar Camaguey. We rijden door de Valle de los Ingenios, een vruchtbare vlakte vol suikerrietvelden en koningspalmen. Om 09.30 uur stoppen we bij de Manaca Iznaga-plantage waar omstreeks 1840 ongeveer 350 slaven leefden en het oude plantershuis nog steeds staat. We kunnen hier zien hoe de suiker uit het riet wordt geperst. We beklimmen de 45 m hoge uitkijktoren met zeven verdiepingen. Deze toren werd in 1830 gebouwd en van hieruit kon men toezicht houden op de slaven, die op de suikerrietvelden werkten. Elke verdieping van de toren verschilt van de volgende qua vorm en decoraties. De eerste drie zijn vierkant en de bovenste vier achthoekig. We blijven hier een half uurtje en vertrekken dan naar Sancti Spiritus (alleen de naam is al een gebed!), waar het al volop feest blijkt te zijn met kermis en alles wat daarbij hoort. We bekijken het centrum en de Yayabobrug uit 1825, die met zijn middeleeuwse voorkomen en de grote terracotta bogen uniek is in Cuba. We lunchen – met muziek! - in Sancti Spiritus, erg lekker en weer heel anders dan de voorgaande keren.

We vertrekken om 13.30 uur en na nog een sanitaire stop onderweg arriveren we rond 15.15 uur bij Hotel Colon in Camaguey, een prachtig oud, koloniaal hotel, waar veel kamers rond een vide liggen die met vlaggen is versierd. De overige kamers liggen rond een binnenplaats die dienst doet als eetzaal. Het ziet er allemaal prachtig uit. Er is maar een nadeel: de kamer is heel erg klein en uit de douche – die slecht werkt – komt alleen koud water. Dat wordt vanavond dus geen haar wassen!

We gaan het stadje in waar ’vanwege de nationale feestdag zowel ‘s middags als ‘s avonds uitbundig feest wordt gevierd. We komen op het Parque Ignacio Agramonte, de voormalige Plaza de Armas. Er staat hier een groot standbeeld van Ignacio Agramonte, een Cubaanse onafhankelijkheidsstrijder. Na het diner in het hotel bezoeken we een bar op straat waar gezongen en gedanst wordt door de locals. Ook zien we bands en dansers optreden op een groot podium op een plein. Rond 23.00 uur zijn we terug in het hotel.



Vrijdag 27 juli 2007


Alweer om 07.00 uur de wekker en koffers pakken! Na het ontbijt gaan we per fietstaxi Camaguey verkennen. We zien veel kerken, pleinen, kronkelstraatjes met kinderhoofdjes en koloniale huizen. Overal op schaduwrijke plaatsen zie je hier de tinajones, de aardewerken waterkruiken. Ze werden gemaakt van de klei uit de nabijgelegen Sierra de Cubitas. In het begin van de 18 e eeuw werden ze door Catalaanse immigranten geintroduceerd. Ze worden gebruikt voor het opvangen van regenwater en de opslag van voedsel. Sommige zijn wel 2 m hoog. We bezoeken de Iglesia del Carmen aan de Plazuela de la Bedoya. Op dit plein zien we ook een aantal bronzen beelden, gemaakt naar het voorbeeld van levende mensen, die er voor de foto wel even bij willen poseren. Per fietstaxi gaan we dan verder en nemen een kijkje op de lokale markt. Ten slotte lunchen we in een restaurant op de Plaza San Juan de Dios, beter bekend als de Plaza del Padre Olallo, naar een priester die naar verwachting spoedig heilig zal worden verklaard vanwege zijn bijzondere zorg voor de zieken van Camaguey.

Om 13.30 uur vertrekken we naar Bayamo waar we vanavond zullen overnachten. Na een koffiestop ergens onderweg komen we rond 17.00 uur aan bij Hotel Royalton, een oud maar verder prachtig hotel dat centraal gelegen is aan de Plaza de la Revolucion. De kamer is redelijk ruim en ziet er op het eerste gezicht prima uit. Later moeten we ons oordeel enigszins herzien, want de douche druppelt alleen maar en de airco werkt nauwelijks. Volgens de monteur die we erbij roepen, kan hij niet beter dan zo. Helaas: ook hier geen haar wassen en ook nog een erg warme nacht! Na aankomst verkennen we Bayamo. We zien de Parroquial Mayor de San Salvador en de apotheek en we krijgen in de moderne winkelstraat een onweersbui op ons hoofd. ‘s Avonds eten we met de groep in een restaurant naast de kerk en daarna krijgen we onder het genot van – alweer – een cocktail, salsa-dansles.



Zaterdag 28 juli 2007


We moeten vandaag al om 06.00 uur op en tassen pakken, want we vertrekken om 08.00 uur. Via een rit over steile bergwegen rijden we naar het Gran Parque Nacional Sierra Maestra voor een bezoek aan de Comandancia de la Plata, het hoofdkwartier van Fidel Castro in de jaren vijftig. Het hoofdkwartier is te voet te bereiken via een redelijk zware tocht door de bergen, die anderhalf uur duurt. Het hoofdkwartier blijkt een eenvoudige houten hut te zijn met daarin wat gebruiksvoorwerpen en meubilair dat destijds werd gebruikt..
Terug in het Parque Nacional Turquino gebruiken we de lunch en stappen daarna in de bus voor het vertrek naar Santiago de Cuba. Dan wacht ons een verrassing: de bus moet voor de helft worden ontruimd, omdat hij anders te zwaar beladen is voor de steile weg naar beneden. Met jeeps wordt de helft van de groep naar de voet van de berg vervoerd. We wachten daar op de bus en gaan met z’n allen richting Santiago de Cuba.
Voor we daar arriveren houden we nog een korte tankstop onderweg. We maken van deze gelegenheid gebruik om een aantal soorten personenvervoer op de foto vast te leggen. Rond 19.30 uur is het dan zover: we bereiken Hotel Versalles dat iets buiten Santiago de Cuba ligt. Het hotel ziet er goed uit. We krijgen – zoals in de meeste hotels trouwens – een welkomstdrankje (cuba libre deze keer). Onze kamer is royaal met een redelijk goede douche, maar helaas is ook hier geen fohn, ook niet bij de receptie. Dat haar wordt nog een trauma, als het zo doorgaat! We eten rond 20.45 uur met de groep en daarna gaat iedereen doodmoe naar bed.



Zondag 29 juli 2007


Vandaag staan we maar weer eens om 07.00 uur!op en ontbijten om 07.45 uur. We vertrekken om 09.00 uur naar de Basilica del Cobre met daarin het beeld van de Virgen del Cobre. Volgens de legende werden in 1606 drie slaven die in de kopermijnen van El Cobre werkten (Cobre betekent koper) in de Baai van Nipe (voor de Noordkust van Cuba) door een zwart Mariabeeld met een Christuskind in haar armen gered. Ze waren met hun bootje in een storm terechtgekomen en zouden zijn verdronken als Maria, wier beeld op de golven dreef, niet te hulp was gekomen. In werkelijkheid is het beeld waarschijnlijk naar Cuba gebracht op verzoek van gouverneur Sanchez de Moya van Castilie, die het dorp El Cobre een Spaanse Madonna wilde schenken. Wat de waarheid ook is, in 1611 werd in Cobre op Cuba een klein heiligdom gebouwd voor de Virgen de la Caridad. Vrijwel meteen begon de plaatselijke bevolking aan het beeld wonderdadige krachten toe te schrijven. De Madonna is zodanig in een vitrine boven het altaar geplaatst dat zij met het gezicht naar de gelovigen staat, wanneer er een dienst is in de basiliek. Wanneer dit niet het geval is, wordt het beeld 180 graden gedraaid, zodat het in de ruimte kijkt, waar de gelovigen het kunnen komen vereren. Ook Jesus doet aan deze verering mee en heeft zonnebloemen voor de Madonna gekocht. De Virgen del Cobre werd in 1916 uitgeroepen tot de beschermvrouwe van Cuba. De kerk ligt op de heuvel Cerro de la Cantera, die door een trap van 254 treden met het dorp is verbonden. Om 10.15 uur vertrekken we naar de Plaza de la Revolucion, een enorm plein met daarop het monument voor generaal Maceo dat werd gemaakt door de uit Santiago de Cuba afkomstige beeldhouwer Alberto Lezcay. Het stelt generaal Maceo te paard voor, omgeven door 23 gestileerde machetes, de wapens waarmee destijds door de rebellen werd gevochten.

Verder bezoeken we de voormalige Moncada-kazerne waarin nu een school en een museum zijn gevestigd.
Op deze kazerne werd op 26 juli 1953 tijdens het carnaval door Fidel Castro met 100 rebellen in soldatenkleding een aanval uitgevoerd. De coup mislukte omdat een van de rebellen verkeerde schoenen onder het uniform droeg en daardoor herkend werd. Als de aanval was gelukt, zouden er voldoende wapens zijn buitgemaakt om een grote opstand te organiseren.In de muren van de kazerne zijn de kogelgaten nog duidelijk te zien.


Daarna maken we een wandeling door het oude centrum met in het Parque Cespedes het Palacio Provincial en het Museo Provincial Bacardi Moreau, het oudste museum van Cuba. We drinken iets bij Hotel Casa Grande, dat een prachtig terras heeft met uitzicht op het plein. We krijgen een rondleiding in het Casa de Diego Velazquez, het oudste particuliere huis in Cuba en de voormalige residentie van gouverneur Velazquez, die hier in de 16 e eeuw woonde. Om te lunchen varen we over naar het eilandje Cayo Granma dat midden in de baai ligt. Aan het eind van de middag bezoeken we het Castillo del Morro, dat in 1997 door UNESCO op de Werelderfgoedlijst werd gezet.

Om 17.00 uur zijn we terug in het hotel, waar Charles naar het zwembad gaat en El haar haar gaat wassen,:zonder fohn! ’s Avonds eten we met de groep in het restaurant en krijgen een dansvoorstelling te zien. Later met een aantal nog de disco in, waar aan karaoke wordt gedaan.



Maandag 30 juli 2007


We zijn door Roy al diverse malen gewaarschuwd en voorbereid: vandaag wordt het een dag alleen maar “bussen”. De wekker gaat al om 06.00 uur, omdat we om 08.00 uur naar Santa Clara moeten vertrekken, een afstand van ruim 700 km. De wegen zijn in Cuba niet allemaal van de kwaliteit die we in Nederland kennen en we zullen de tijd dan ook hard nodig hebben. Natuurlijk stoppen we onderweg wel een aantal malen.
Eerst op verzoek een fotostop bij de suikerrietvelden en een half uurtje later een koffiestop. Hier treffen we voor de zoveelste keer een afbeelding van Che Guevara met de beroemde leuze aan: Hasta la Victoria Siempre. Vervolgens gebruiken we een uitgebreide buffetlunch bij Hotel Camaguey waar we nog een oude filmcamera aantreffen. Tijdens de laatste korte stop aan het eind van de middag spotten we een redelijk grote hagedis. Na een voorspoedige reis arriveren we rond 18.30 uur in Santa Clara. We logeren in het Hotel Granjita even buiten de stad, dat helemaal op de ecotour is. Het ligt in een mooi park, waarin vogels, kippen en eenden vrij tussen de lodges rondscharrelen. In het park wordt gebruik gemaakt van zonne-energie. Onze kamer is heel ruim met grote bedden en heeft een prima douche en airco. Er hoort ook een zwembad bij het complex. We eten met zijn allen om 20.30 uur en gaan dan naar de show die bij het zwembad wordt gegeven. Na afloop daarvan nog iets drinken en de voorlaatste dag van onze rondreis is voorbij.



Dinsdag 31 juli 2007


We staan weer om 07.00 uur op (hoezo vaste gewoontes?) en vertrekken om 09.00 uur naar de Plaza de la Revolucion Ernesto Guevara. We maken een groepsfoto bij het Monument voor de Comandante Che Guevara. Het monument wordt gedomineerd door een indrukwekkend bronzen beeld van Che Guevara met een arm in het gips (gebroken tijdens de gevechten in de Slag om Santa Clara). Daaronder toont een relief taferelen uit de strijd met de historische woorden die Che in zijn afscheidsbrief schreef toen hij naar Bolivia vertrok. Onder het monument bevindt zich een museum met persoonlijke bezittingen van Che en een chronologisch overzicht van zijn leven. Tevens is er een mausoleum met de resten van Che Guevara en zes kameraden, die dertig jaar na hun dood in Bolivia zijn gevonden en in 1997 werden overgebracht naar Cuba. De grafruimte ziet eruit als een grot en in het midden brandt een eeuwige vlam.

Om 10.15 uur vertrekken we uit Santa Clara, de geboorteplaats niet alleen van Che maar ook van Roy, en gaan op weg naar Varadero, waar we de rest van de vakantie zullen doorbrengen. Tijdens de koffiepauze onderweg nemen we officieel afscheid van Roy en Jesus met een speech door Annemiek voor Jesus en Cees voor Roy, natuurlijk met de daarbij behorende goede gaven.

Rond 12.30 uur komen we aan bij Hotel Palma Real in Varadero. We hebben een goede, centraal gelegen kamer met een prima douche en – zeker niet onbelangrijk – een fohn! Opvallend is dat we hier op de TV de Amerikaanse CNN-zender kunnen vangen. Dat hebben we hier op Cuba nog niet eerder meegemaakt.
We maken kennis met onze “belangenbehartiger” in Varadero en Roy en Jesus vertrekken nu echt, uitgezwaaid door de groep.


De nog resterende twee en een halve dag brengen we door op het prachtige strand en/of in het zwembad, ieder op zijn eigen manier. Het restaurant van het complex biedt – weliswaar in buffetvorm – iedere dag weer bij alle maaltijden een enorme keuze aan eten. Er is werkelijk voor elk-wat-wils bij en de kwaliteit van het eten is prima.

Tegen onze verwachting in blijken wij de enigen van de groep te zijn die een week extra strandverlenging hebben geboekt. Als afscheid eten we op donderdagavond gezamenlijk en vieren tegelijkertijd de verjaardag van Paula. ’s Avonds bezoeken we de dans- en zangshow die dagelijks door het hotel wordt verzorgd en dan is voor de rest van de groep de vakantie ten einde. De onze gaat nog even door.



Vrijdag 3 augustus 2007


Om 08.30 uur nemen we afscheid van de groep en we zwaaien de bus uit die ze naar het vliegveld brengt.
Dan huren we voor de rest van de dag een scooter en rijden over het schiereiland Peninsula de Hicacos waarop Varadero ligt. Het is een aaneenschakeling van hotels, restaurants en winkels, omgeven door een weelderige begroeiing. We fotograferen de Iglesia de Santa Elvira en Hotel-Restaurant Don Quijote dat langs het oostelijke deel van de hoofdweg, de Avenida Las Americas ligt. We kopen wat souvenirs op de Plaza Americana en brengen een bezoek aan Villa Xanadu, een luxueus, vier verdiepingen tellend gebouw dat in 1929 werd voltooid op de rotsachtige kaap San Bernardino. Het was bekleed met Italiaans marmer en kostbaar hout. Rond het huis een enorme tuin met zeldzame planten en een golfbaan. In 1963 werd het chicste restaurant van Varadero “Las Americas” erin gevestigd. Golfers kunnen hier overnachten, maar er zijn niet meer dan een handvol kamers beschikbaar. We bezoeken de bar op de bovenste etage, van waaruit we een prachtig uitzicht over de zee en het strand hebben. We drinken iets bij Marina Chapelin en zien de catamarans terugkomen van hun dolfijnenbezoek. Gaan we ook nog doen!

Bij terugkomst in het hotel treffen we – zoals tot nu toe altijd - onze kamer weer keurig schoongemaakt aan met deze keer een boot op ons bed. Bijna iedere dag is er van de handdoeken en/of spreien iets kunstzinnigs gefabriceerd! We gaan nog even naar het zwembad en eten ’s avonds in het Chinese restaurant. Daarna naar de show en naar bed.



Maandag 6 augustus 2007


We staan om 07.00 uur op en worden om 08.15 uur door een bus opgehaald voor de catamarantocht. Via een aantal andere hotels rijden we naar Marina Gaviota, waar we op de catamaran stappen. Het is een grote boot en er gaan zo’n zestig mensen mee. We varen eerst een tijdje en dan wordt het anker uitgegooid om te kunnen snorkelen. Vervolgens varen we langs mooie begroeiing en eilandjes naar het bassin waar de dolfijnen verblijven. Daar maakt Charles van de gelegenheid gebruik om met de dolfijnen te zwemmen en El houdt het bij foto’s maken. Dan naar het eilandje Cayo Blanco om te lunchen en te zonnen. Ten slotte varen we – gedeeltelijk op de zeilen – terug naar Varadero en worden we rond 17.30 uur door de bus weer bij het hotel afgezet. Een prachtige excursie, alleszins de moeite waard!



Vrijdag 10 augustus 2007


Ook voor ons is nu de dag van vertrek aangebroken en net als de groep vorige week worden we om 08.30 uur door een bus opgehaald, die ons naar het vliegveld brengt. We vertrekken rond 11.30 uur en maken een tussenstop in Cancun – Mexico, waar het toestel wordt schoongemaakt en we om 13.15 uur weer vertrekken, nu rechtstreeks naar Amsterdam. We komen daar na een voorspoedige vlucht keurig op de geplande tijd van 06.00 uur ’s morgens aan en nemen dan de shuttlebus naar het Ibis-hotel om de auto op te halen. Rond 08.00 uur arriveren we thuis, moe maar met het voldane gevoel dat we een heerlijke vakantie achter de rug hebben: een prachtig land gezien, een prima groep gehad en in de laatste week heerlijk gerelaxed en veel gelezen.


Ook zin in vakantie na het lezen van dit reisverslag? Bekijk het reisaanbod naar Cuba

Kadobon winnen?

Wilt u ook kans maken op een kadobon? Per kwartaal wordt de inzender van het mooiste reisverslag beloond met een kadobon.